woensdag 27 mei 2015

Aan de weg...

Door Tjalling van den Bosch

Ooit vergeleek ik (mei 2012) het damtoernooi van Salou met het Hoogovens Schaaktoernooi in Wijk aan Zee; dat het schaaktoernooi tegenwoordig een andere naam draagt is mij bekend. 
Het schaaktoernooi droeg 60 jaar lang de naam van de Hoogovens, dus zoiets blijft hangen; nadat de naam begin deze eeuw was veranderd in het Chorus Chess Tournament, kreeg het vijf jaar geleden haar huidige naam: Tata Steel Chess Tournament. Nog steeds is het schaaktoernooi in Wijk aan Zee toonaangevend in de wereld van de 64-velden. Heden ten dage is er echter een ander damtoernooi (dan Salou), dat  de vergelijking met het schaaktoernooi beter kan doorstaan; laten we het (of is het: de?) Salou Open vanaf nu dan maar vergelijken met het fameuze schaaktoernooi in het Spaanse Linares. 

Heerhugowaard Open . . . 

Het organisatiecomité (Het Team) bestaat uit maar liefst acht man, en staat onder de dynamische leiding van toernooidirecteur Guido Verhagen.  Het toernooi in Heerhugowaard timmert sinds enkele jaren enorm aan de weg; vorig jaar had men 190 deelnemers; dit jaar wil men daar absoluut 'overheen'! 'Als je de lat hoog legt, hoef je in ieder geval niet te bukken'.

Noviteiten zijn het handelsmerk van het toernooi; in de afgelopen jaren lagen deze vooral op het gebied van de live-uitzendingen. Tijdens de (via tablet ingevoerde) partijen kon je vanachter je computer de partijen én de explicatie van connaisseur Ton Sijbrands prachtig volgen; ook werden er sfeerverslagen gemaakt. Dit alles (van de afgelopen jaren) is terug te vinden op youtube. 

2015 . . .

Dit jaar komen een paar vaste onderdelen terug; het Quatre Mains (betekent: vier handen) bijvoorbeeld, waarin 2 spelers het opnemen tegen een ander duo; men moet 'om en om' zetten en er mag natuurlijk niet overlegd worden. Het leverde in het verleden hilarische beelden op, alhoewel Alexander Shvartsman daar misschien iets anders over denkt! Ook komt het blitz-toernooi terug, alsmede de zeer gezellige BBQ , als tegenhanger van de fameuze snertmaaltijd tijdens het (winterse)
schaaktoernooi in Wijk aan Zee. In vroeger dagen voetbalden de schakers ook weleens, in Heerhugowaard  trekken de dammers tegenwoordig wel de kicksen aan.

Novum . . . 

In de komende editie breidt men echter het bijprogramma uit met een tafeltennistoernooi! Wat hét nieuwtje op damgebied betreft(?): dit jaar doen er spelers mee uit Qatar(!), Turkije(!), Libanon(!) en Koeweit(!); men speelt echter niet het ('ons') Internationale Spel, maar de Turkse variant: Dama. Wat het toernooi (Internationaal Spel) betreft verandert er ook iets; dit jaar spelen de beste 10 dammers van Heerhugowaard Open 2014 een rond(round robin)toernooi (Concrex Masters). In het open toernooi zien we o.a. Freddy Loko uit RD Congo. Loko schreef, (wat mij betreft) 'uit het niets', het laatste Afrikaans kampioenschap op zijn naam; ik ben uitermate nieuwsgierig wat hij er van 'gaat bakken' tussen de 'grote jongens'. De creativiteit van het organisatieteam (enigszins) kennende, worden we de komende maanden vast nog wel verrast met één of andere noviteit!    

Meedoen . . . ?

Het damtoernooi in Heerhugowaard duurt van zaterdag 11 juli tot en met zaterdag 18 juli (2015).
U kunt zich nog steeds opgeven; voor meer informatie; ga naar de toernooisite van het Heerhugowaard Open - http://www.heerhugowaardopen.nl/ 
en bekijk de Heerhugowaard Open Promo Video    

                         

woensdag 20 mei 2015

Oubollig...

Door Tjalling van den Bosch

 Er zijn in denksportland twee W.K.-matches waar het oubollige label match van de eeuw aan werd gehangen. Voor schakers was dat de match tussen Boris Spasski en Bobby Fisher, welke plaatsvond te Reykjavik, (en uiteindelijk) van 12 juli tot en met 1 september 1972. Voor ons dammers was dit natuurlijk de match tussen Ton Sijbrands en Andris Andreiko, welke plaatsvond te Den Haag, van 2 tot en met 30 oktober 1973. Schakers wijzen nog steeds naar 'hun' match als de meest memorabele 
gebeurtenis uit de (schaak-)geschiedenis; dammers hebben 'hun' match omgedoopt tot 'match van de geeuw'. Dit laatste vond ik in 1973, als puberende jongeling, een misplaatste verbastering. 

Veel overeenkomsten . . .

De beide matches stonden natuurlijk op zich, maar er waren ook opvallend veel gelijkenissen. Ten eerste waren beide matches een confrontatie tussen 'het vrije westen' en het zo vermaledijde  'oostblok'; dat op zich gaf toentertijd (op het 'hoogtepunt' van de 'koude oorlog') al veel commotie en daardoor extra (niet dam/schaak-)persaandacht. Ten tweede stonden beide matches bol van zaken die niets met een partij op zich van doen hadden: intriges, omkoping, dreigen met 'opstappen', etc. 

Ik vond (toen al) dat de partijen uit de dam-W.K.-match van een aanzienlijk hoger niveau waren dan die uit de schaak-W.K.-match!  Als ik nu het dagboek van de match Spasski-Fisher, welke door Hein Donner  werd bijgehouden, nog eens doorblader dan bevestigt dit mijn idee (uit 1973). In de eerste partij uit de schaakmatch van de eeuw blunderde Fisher (met zwart) door op de 29ste zet met zijn loper de pion op h2 te 'nemen'. Ik citeer Donner: 'Is Fisher bezig krankzinnig te worden? Want laat ons er geen doekjes omwinden, de zet (Lh2) is een zo kinderachtige fout dat hij op dit niveau niet behoorde voor te komen'. 

Fisher kwam voor de tweede partij niet opdagen en verloor daardoor ook die partij, dus 2-0 voor Spasski. Waar niemand rekening mee had gehouden gebeurde toch; Fisher kwam wél opdagen voor de derde partij en wist deze, na wijfelachtig optreden van zijn opponent, te winnen, 2-1. In de vierde partij zette Spasski een winnende mataanval in; hij faalde echter in de afwerking, remise. Of het nu kwam door deze gemiste kans is bij mijn weten nooit achterhaald, maar vanaf dit moment ging het helemaal mis met Spasski. Enkele quotes uit het boek van Donner: 'Spasski blunderde op de 27ste zet', Spasski zag kwaliteitsoffer over het hoofd', 'Spasski mijdt voorlopig de strijd,  hij is al blij als hij zonder blunders remise maakt' en 'in de loop van het eindspel maakte Spasski enkele ontstellende fouten'.
Hein Donner was zeker niet de enige die het niveau van de partijen beneden alle peil vond; in het boek Bobby Fisher trekt ten strijde van Edmonds en Eidinow (uit 2003) staan ook diverse passages waaruit blijkt dat: "De partijen niet bepaald tot de verbeelding spraken". 

En toch . . .

En toch en toch, zijn de verslagen over de match EN de partijen lovend; Fisher wordt een genie genoemd. Niet alleen de pers uit 'het vrije westen' uitte zich in dergelijke superlatieven: een Joegoslavische grootmeester noemde Fisher zelfs een "supergenie". Nu (anno 2015) nogmaals terugkijkend, meen ik te mogen stellen dat Fisherde match heeft gewonnen doordat Spasski op een wel heel bedenkelijk niveau acteerde. Ik wil nog wel even kwijt dat zowel Bobby Fisher als Boris Spasski twee fenomenale schakers waren, maar in deze W.K.-match kwam dit 'niet echt uit de verf'.
Desondanks; als men het in schaakland heeft over de match van de eeuw, dan
doelt men steevast op die uit 1972.  

Hoe anders verliep de match tussen Sijbrands en Andreiko; woorden als 'alweer  remise' en 'antipropaganda' kreeg het Nederlandse volk voorgeschoteld en ook naderhand heeft niemand zich echt om de partijen bekommerd, met uitzondering dan van Sijbrands en enkele ware liefhebbers . . .
Het boek 'Harm Wiersma over Sijbrands tegen Andreiko' (uit 1974) geeft eigenlijk helemaal niet zo'n negatief beeld van de partijen, alhoewel Wiersma zich best wel negatief (over beide grootmeesters) durfde uit te spreken.  Wiersma geeft tijdens de bespreking van de partijen 'cijfers' aan de spelers, per partij. De eerste partij krijgt Sijbrands een 7 en Andreiko een 8; de tweede partij wint Sijbrands (hij krijgt een 8) doordat Andreiko blunderde (5). Daarna krijgen de spelers ook telkens nog ruime voldoendes; tot de zevende en achtste partij! Voorafgaand aan de zevende partij was er veel commotie over een mogelijk omkoopschandaal (bij monde van Koeperman dreigde Andreiko zelfs met opstappen). De partijen waren kort (Wiersma: "afschuwelijke ruilpartijen") en zonder strijd;
onvoldoendes!

Vanaf partij nummer negen echter geeft Wiersma ('hij kon het natuurlijk als geen ander  weten'!) bijna alleen nog maar zeer ruime waarderingscijfers (8/9), met uitzondering van de zestiende partij (beiden een 6). De vaderlandse (dam-)pers had echter een geheel andere mening; 'vette', wrede 'koppen'  kregen we toen in de dag- en weekbladen voorgeschoteld: wanprestatie, laf, farce etc.

Reden . . .

Wat is de reden dat er zo'n immens verschil huist in de verslaggeving van de beide hierboven aangehaalde matches(?); als de damscribenten zich daadwerkelijk goed hadden laten voorlichten over de partijen dan had juist de match Sijbrands - Andreiko dam-technisch positief in ons collectief geheugen gegrift moeten staan!! (en dat van de Nederlandse niet-dammers). Laten we het er op houden dat de schaakschrijvers aanzienlijk beter in de gaten hadden, waar ze mee bezig waren, dan hun dam-vakgenoten.  Stof tot nadenken (en neemt u daar vooral de tijd voor) . . .
 
Ik wil dit uitvoerige epistel graag afsluiten met een vraag die mij in 1973 reeds intrigeerde; we gaan over naar de tweede partij (3 oktober 1973) uit de match Sijbrands-Andreiko.
 
Deze stelling was eerder voorgekomen in een partij uit de halve finales van het kampioenschap van de Sovjet Unie (tussen Kirillov en Korenevski). Sijbrands (met zwart) speelde hier net als Korenevski 16. . . - . .   (14-19) , waarna Andreiko dam haalde via:  17.  41-37  (19x30)  18.  38-32  (27x38)  19.  26-21  (17x26)  20.  28x17  (12x21)  21. 29-24  (30x19)  22.  36-31  (38x29)  23.  34x1.
Zwart speelde nu (anders dan Korenevski!)  23.  . . -  . .  9-14  en de dam wordtafgenomen en zwart heeft een schijf meer(!!);

Sijbrands won vervolgens de partij. Wat ik mij (in 1973 en als puberende jongeling/wijsneus) afvroeg was: "Waarom  speelt Andreiko op zet 22 niet 37-31"? Nooit heb ik een goed antwoord gekregen; Sijbrands wijt er enige regels aan in het matchboek: "Ongetwijfeld zal Andreiko reeds spoedig tot de slotsom zijn  gekomen dat  22.  37-31  (26x37)  23.  42x31  (38x29)  24.  34x1  (21-26)!  geen enkele kans op herstel biedt". 
Wiersma rept in zijn boek al helemaal niet over deze mogelijkheid, en daar moest ik het mee doen; ach ja, hebben we niet allemaal gepuberd?! 

Laat het bovenstaande epistel een les zijn voor het wereldkampioenschap dammen, dat over een half jaar in Emmen plaatsvindt . . . 

woensdag 13 mei 2015

Matches...

Door Tjalling van den Bosch

Tijdens het afgelopen N.K. in Emmeloord kwam mij ter ore dat er thans particuliere initiatieven worden ondernomen om de W.K.-match tussen Alexander Georgiev en Jean Marc Ndjofang alsnog doorgang te laten vinden. Het zou inderdaad een schande zijn als wederom iemand van het Afrikaanse continent een gooi naar de mondiale titel zou worden onthouden.
 
1963 . . . 

Nadat in 1963 de match tussen de Sovjet-Rus Iser Koeperman en Afrikaan Baba Sy, door toedoen van de dambond van de Sovjet Unie,definitief niet doorging hoorde je in de wandelgangen 'zware' woorden als "discriminatie" en "racisme".  
Dat zal deze keer wel niet zo snel worden geroepen, maar het is en blijft voor mij een absurde situatie dat de F.M.J.D. de match om de wereldtitel niet heeft weten te organiseren. Ik hoor geluiden dat de F.M.J.D. niet verplicht is om deze match (tussen de nummer 1 en 2 van het laatste wereldkampioen) te organiseren; dat mag zo zijn, maar juist vanwege de situatie uit 1963 (toen de F.M.J.D. wél verplicht was om de match te organiseren!) en omdat de strijd om de hoogste mondiale eer een hoogtepunt voor een zichzelf respecterende wereldsportorganisatie zou moeten zijn, had de werelddambond m.i. alles moeten doen om te zorgen dat een Afrikaan ditmaal wél kon strijden in een match om de wereldtitel. 

Er zijn mensen die W.K.-matches maar niks vinden en refereren dan aan bepaalde matches.Inderdaad zijn er deze eeuw W.K.-matches geweest die nu niet direct tot de verbeelding spreken; de reden was dat de organisatoren als malloten aan de bedenktijd hebben zitten sleutelen, met alle gevolgen van dien . . . !?!  De laatste W.K.-match bij de vrouwen (Golubeva-Tansykkuzhina) was zo'n voorbeeld, maar iedereen weet dat dit vooral werd veroorzaakt door het gehanteerde systeem, dat dammen als hoogwaardige denksport in het verdomhoekje plaatst ("elke dag een beslissing!", nou dat is dan een  waardeloos systeem).
 
Wel mooi . . . 
 
Ik kan mij echter matches herinneren die wel mooi en enerverend waren; in een eerder epistel (-Koraal . . .- van september 2014) heb ik de W.K.-match van 1979 (tussen Harm Wiersma en Anatoli Gantvarg)  al eens aangehaald en geconcludeerd dat deze tweekamp het predicaat 'uitmuntend' verdient. (Het woord predicaat werd tot 2006 met een k geschreven, maar sindsdien schijnt het dus met een c te moeten, maar dit geheel terzijde natuurlijk). Uit het matchboek (van 1979) van Sijbrands, Kiers en Münninghoff citeer ik de laatste: 
'Veel dammers hebben er wat je noemt een kick van gekregen. Je zag ze de rug rechten en met fier geheven kin rondstappen, omdat ze ook iets te maken hadden met het schouwspel dat hun twee beste voorvechters twintig partijen lang bij machte waren uit te voeren'.
Ik bedoel maar . . . !
 
Maar er waren meer fraaie matches; denk alleen al aan de tweekampen die Alexei Chizhov (je schreef toentertijd nog Tsjizjov o.i.d.) uitvocht met zowel Ton Sijbrands als Harm Wiersma (zijn daar wel matchboeken van?). Ook kan ik mij (ondanks dat ik toen in de Verenigde Staten woonde en werkte) nog herinneren dat de match Georgiev-Shvartsman er mocht zijn; de 'Keller-variant' (oftewel aanval versus omsingeling) werd toen regelmatig ten tonele gevoerd. "Je hebt wat gemist" zei een grootmeester naderhand tegen mij.
 
Mocht de match Georgiev-Ndjofang alsnog doorgaan, dan hoop ik van ganser harte dat het niet zo'n gedrocht wordt als de laatste W.K.-match voor vrouwen . . . 
 
De volgende keer wil ik het met u hebben over de matches(?) 'van de eeuw'.
 
Tijdens 8ste partij (op 10 oktober 1979) uit de WK-match Gantvarg-Wiersma kwam de volgende stand op het bord:
 
Harm Wiersma (wit) heeft net  45.  32-28  gespeeld; Gantvarg zat niet echt in tijdnood en kon zodoende de gevolgen van  45.  . . - . .   (18-22)  rustig bekijken; er was dan namelijk (ongetwijfeld) gevolgd:  46.  29-23  (22x33)  47.  30-24!!  Hoe zwart nu ook slaat, er komt altijd een combinatie naar veld 9 uit, FRAAI . . . ! 
 

 

woensdag 6 mei 2015

Dûmny . . .

Door Tjalling van den Bosch

De volledige aanhef zou moeten zijn: de dumny en syn navigator (de dominee en zijn navigator).
Dûmny is dus Fries voor dominee en wie het over (Fries) dammen en  een dominee heeft komt al snel uit bij Liuwe H. Westra.  Ds. Westra is o.a. predikant in het rustieke Lollum; in het naburige  lommerijke Waaksens woont Marten Walinga, hij is werkzaam in de navigatie-sector (www.Narwal Innovatie), vandaar de eigenlijke aanhef. Beide mannen zijn de hoofdverantwoordelijken voor het Grutmastertoernoai  Frysk damjen te Franeker, dat in maart jl. plaatsvond.  Misschien heeft u, dammers van het Internationale spel alsook schakers  (deze laatste groep laaft zich ook veelvuldig aan de geschriften van dit blog  ondanks -Wel zo edel . . . ?- van november 2014!), zich ook vergaapt aan de Friese damvariant via Toernooibase Dammen. 
 
In het verleden heb ik vaak gesuggereerd dat het dammen in het algemeen mensen nodig heeft die kunnen binden en verbinden; de twee hoofdpersonen van dit epistel bezitten die gave in ruime mate. 
Het opzetten van dergelijke (in het oog springende) damtoernooien vraagt veel van de organisatie; je moet ten eerste zelf de handen flink uit de mouwen steken: je moet sponsors vinden, een goede locatie, een aansprekend deelnemersveld etc. etc..
Als dat geregeld is, kijk je vervolgens tegen een berg organisatorische problemen (of zijn het mogelijkheden?) aan en dan moet je goed kunnen 'binden' (om bijvoorbeeld vrijwilligers te vinden) en delegeren.  Verder moet je zorgen dat de vrijwilligers goed samenwerken ('verbinden'), zodat je zelf niet alles hoeft te controleren. In dat metier zijn Westra en Walinga grootmeesters; je wordt als vrijwilliger constant op de hoogte gehouden, je hebt absoluut niet het idee dat je er maar wat 'bijhangt', of nog erger 'misbruikt' wordt.
Voorts hebben de twee organisatoren geen last van 'lange lijnen', men vergadert zo weinig mogelijk en van commissies met 'veel noten op de zang' hebben ze al helemaal geen last.  
'Sizze is neat, dwaan is een ding' is een bekend Fries spreekwoord; in Rotterdam zeggen ze dan: 'geen woorden maar daden'.
 
2015 . . .

De Fryslân Open 2015 is een fantastisch evenement geworden; natuurlijk brachten  de organisatoren de regionale media in stelling; dit jaar had men ook de pijlen op de nationale pers gericht.  Zo konden we o.a. Valneris, Shvartsman, Amrillaev en Domchev in 'actie' zien  bij S.B.S. en was Marten Walinga regelmatig te gast in diverse talkprogramma's. 

De deelnemers aan het toernooi bestonden uit de toppers van 'onze' damvariant  alsmede de specialisten (grutmasters) uit het Fryske spul.  Uiteindelijk kwamen de vier besten uit in de twee finale groepen; de overwinning  der Friezen ging naar Jelle Wiersma; de winnaar van de dammers uit het  Internationale dammen werd Alexander Georgiev. De finalegroep van deze laatste bestond verder nog uit Auke Zijlstra (2de), Martijn van Gortel (3de) en de nummer 4 Aleksej Domchev. De nummer 4 miste de toernooiwinst door een blunder (in gewonnen positie!)  in de laatste ronde tegen de toernooiwinnaar!  
 
Over 'onze' wereldkampioen (Georgiev) vertelde Walinga onlangs nog het volgende verhaal: "De eerste denksport waar de jonge Georgiev in St. Petersburg mee in aanraking kwam was  . . . de Friese damvariant!" Opmerkelijk natuurlijk; Walinga vervolgde: "In Noord-Nederland werd meer dan een eeuw geleden alleen maar de Friese damvariant gespeeld; ook waren de noorderlingen een zeilvarend volkje en dreven ze op die manier handel met Scandinavië alsmede met de Baltische staten
Op die manier verspreidde zich ook het (dam-)vermaak en zo schijnt het 'Fryske Spul' doorgedrongen te zijn tot in Sint Petersburg"! 
Onlangs schijnt Georgiev te hebben aangegeven dat hij het zo langzamerhand wel 'heeft gehad' met het internationale dammen (?!?), alhoewel hij er ook bij heeft gezegd (of geschreven(?), het verhaal komt uit de tweede hand) dat hij waarschijnlijk 'onze' variant nooit helemaal de rug zal toekeren. Zou Alexander zich soms (bewust of onbewust) al aan het voorbereiden zijn op het Worldchampionship Frisian Draughts, dat gepland staat voor maart 2018?!?
 
Geen remise . . .
 
Wat mij, als bescheiden beoefenaar van het internationale spel, vooral is bijgebleven is het volgende: tijdens de laatste ronde van de finale van de International Group speelden Georgiev en Domchev dus tegen elkaar.
Bij een remise was Georgiev overall-winnaar, dus stelde hij in het middenspel een
'half-punt-deling' voor; dit werd door de scheidrechter direct 'van tafel geveegd'! In het Frysk Damjen mag je volgens de regels (!) pas remise overeenkomen als er dammen op het bord staan, met andere woorden: "DOORSPELEN"! In 'onze' damvariant ontwijken toppers vaak het o zo moeilijke eindspel door een 'grootmeester-remise'.  Deze weinig strijdvaardige daad, gevoed door angst/bang om fouten te maken  ('de strijd te ontlopen'), is dus in de Friese damvariant reglementair aan bandengelegd; iets voor 'onze' damvariant . . . ?  

 

woensdag 29 april 2015

Dank is groot...

Door Tjalling van den Bosch
 
Ik wil de heren van stichting Aanzet (of is het Aan Zet) bedanken voor het prachtige N.K. dammen Algemeen 2015. Henk Kamminga, Joop Kip, Bart Jonker en IJsbrand Haven zijn er wederom (met hulp van onmisbare sponsors en clubgenoten) in geslaagd om een toernooi neer te zetten met een grandeur welke zijn gelijke nauwelijks kent in onze damsport. De dank is groot mannen.
 
De signatuur van stichting Aanzet zijn noviteiten; tijdens het afgelopen N.K. was dit het gebruik (door deelnemers) van hartslagmeters. Nu kan je aan het gebruik van een hartslagmeter niet al teveel afleiden; daarvoor dien je de hartslag van de dammers van te voren beter 'in kaart' te brengen. Daardoor mocht je er ook niet al te veel conclusies aan verbinden. Edoch, publicitair was het een 'gouden zet', de pers vond het bere-interessant en dat is natuurlijk veel waard voor onze sport. 

Roel Boomstra werd dus Nederlands Kampioen Dammen Algemeen door Alexander Baljakin met een banddikte verschil voor te blijven (zie het vorige epistel). Helaas was uw penneleur alleen in staat om op de beide zaterdagen van het toernooi lijfelijk aanwezig te zijn; werk, werk, werk . . . Op de eerste zaterdag (11 april 2015, 2de ronde) was de partij Auke Scholma -Wouter Sipma die de aandacht trok; een partij met een voorgeschiedenis. Tijdens de 'Cannes Open 2015' (februari 2015) hadden de mannen de degens ook al gekruist en was Sipma als winnaar te voorschijn gekomen, na een 'omgekeerde Keller'. Volgens kenners had Scholma 'de dans' toen geleid; het schijnt dat Sipma na afloop heeft gezegd dat hij als lijdend voorwerp naar de overwinning was geleid . . .
 
Ontsnapt . . .
 
In ieder geval, tijdens het N.K. gingen de mannen er, vanuit de opening, opnieuw flink tegenaan; dit is met de huidige bedenktijd (helaas ook hier 80' + 1') eigenlijk not done. Een behoudende speelstijl past beter bij de 80' + 1', zoals ook bleek uit de partij Scholma - Sipma. Na nog geen 25 zetten zaten de beide spelers al aan de ondergrens van de beschikbare tijd; Sipma kreeg deze keer zijn (positioneel) 'gelijk', maar wist de gewonnen stelling niet te verzilveren vanwege gebrek aan tijd.
Scholma ontsnapte met een min-remise. Veel aanwezigen hebben genoten van deze partij; de zaal waar Paul Oudshoorn (dé connaisseur van stichting Aanzet) uitleg gaf over deze partij puilde daadwerkelijk uit.
 
Een andere partij die, later in de week, de aandacht trok van kenners, was de partij tussen (wederom) Auke Scholma en Wouter Ludwig. De debuterende Ludwig sloot het toernooi uiteindelijk af op een min 2-score, wat op zich geen slecht resultaat is, maar doordat hij in de laatste ronde zijn plusschijf (tegen Frits Luteijn) niet in winst had weten om te zetten overheerste bij hem, in eerste instantie, toch de teleurstelling. Overigens was de combinatie (de enige van het toernooi!?!) niet al te moeilijk, maar
het verraste de nestor (Luteijn) dus toch. Dat de combinatie de 'enige echte' van het hele toernooi was, was volgens een enkeling te wijten aan het hoge niveau van de deelnemers; ik wijt het meer aan de over het algemeen voorzichtige manier van partij 'opzetten, hetgeen dus begrijpelijk is met de 80' + 1'. Maar goed, dit terzijde; een leuk moment in de partij Scholma - Ludwig was na wits 25ste zet 41x32.
 
Zwart (Ludwig) kwam hier met 25.  . . - . .   (7-12)  waarna wit repliceerde met 26.  44-40, hetgeen volgens 'kenners' een 'baggerzet' is. Maar als wit nu niet deze zet had gespeeld, maar (bijvoorbeeld)  26.  42-37 , dan had zwart dam gehaald via  26.  . . - . .  (19-23!)  27.  29x16  en 24-30. Ook in deze ontmoeting was 'het spel' reeds vroeg in de partij 'op de wagen'; uiteindelijk zou de partij omslaan in een voordeeltje (plusremise) van Scholma.
 
Het N.K. Algemeen van 2015 mag wat uw penneleur betreft, qua organisatie, met goudenletters in de analen worden bijgeschreven . . .

zondag 19 april 2015

8''...

Door Tjalling van den Bosch

Het " symbool staat binnen de internationale sportwereld voor seconden, dus geeft de aanhef 8 seconden aan (het ' symbool staat voor minuten).

De aanhef betekent voor veel sportliefhebbers (met name de wielrenfanaten) maar één ding: De Tour van 1989. Deze Tour de France begon op een vreemde manier; de winnaar van 1988 (de Spanjaard Pedro Delgado) mocht als laatste starten in de proloog (op 1 juli in Luxemburg).  Echter. . .hij verscheen bijna 3' te laat aan de startstreep en verloor daarmee stante pede de kans op titelprolongatie! Het drieweekse fietsspektakel werd nu een tweestrijd tussen de wat stuurse, intellectuele Fransman Laurent Fignon en de goedlachse, joviale Amerikaan Greg Lemond.

Na de voorlaatste etappe had de Fransman de gele trui stevig om zijn schouders met een voorsprong van 50" op de Amerikaan; de laatste etappe (op zondag 23 juli, van Versailles naar Parijs) was een 'korte' tijdrit van 24,5 kilometer. In de 'lange' tijdrit van 6 juli (Dinard-Rennes) had Fignon ruim 50" moeten toegeven op Lemond, maar niemand (nou ja met uitzondering van de vrouw van Lemonds ploegleider de Cauwer) twijfelde eraan dat de Fransman winnaar zou worden van de Tour van 1989. Fignon twijfelde al helemaal niet, hij wilde niet starten met een aerodynamische helm op; hij wilde zijn blonde manen laten dansen in de zon.

Lemond zou geen Amerikaan zijn als hij zich nu al zou overgeven. Tijdens de 'lange' tijdrit was het Lemond opgevallen dat zijn  landgenoot Ron Kieffel een 'ossekopstuur' had gebruikt, welke voor het eerst op topniveau werd geïntroduceerd  (enkele maanden eerder) door Italiaan Francesco Mooser tijdens zijn (geslaagde) aanval op het werelduurrecord van de Belg Eddie Merckx. Voor de laatste etappe liet Lemond dit novum op zijn fiets plaatsen; je weet maar nooit (voor de duidelijkheid, Lemond had dit stuur niet gebruikt tijdens de 'lange' tijdrit!). Ook zette Lemond een aerodynamische helm op.

Afijn, de Amerikaan startte, 2' later volgde de Fransman; na 18 kilometer kreeg Fignon door dat de Lemond ruim 40" had goedgemaakt. Toen de Amerikaan over de finish kwam was het wachten op de geletruidrager; deze liet 2' en 58" op zich wachten. Kortom Greg Lemond won de Tour de France van 1989 gewonnen met een verschil van 8".

Draughts please . . .

Het bovenstaande kwam afgelopen zaterdag ter sprake tijdens de slotetappe van het N.K. dammen Algemeen te Emmeloord. Dit toernooi mondde uit in een tweestrijd tussen de soms wat stuurs kijkende, intellectuele Alexander Baljakin en de goedlachse, joviale Roel Boomstra.

Vrij vlot na de proloog trok Baljakin de gele trui stevig om zijn schouders, op afstand gevolgd door Boomstra.
Echter Boomstra zou geen Drent zijn om zich neer te leggen bij de suprematie van de voormalige Witrus (en titelverdediger). Na de voorlaatste ronde was de voorsprong van Baljakin geslonken tot 1 enkel punt, of beter gezegd tot minder dan 1 punt! Boomstra had namelijk 2 zogenaamde plusremises en Baljakin nul; de laatste wist wat hem te doen stond, winnen van Auke Scholma. Nu kon Baljakin bogen op een grote plusscore tegen Baflo Bill, terwijl Boomstra het moest opnemen tegen de uitstekend debuterende Maarten Linssen (tevens ploeggenoot van Baljakin!), die op dat moment keurig op zijn gemiddelde stond. Nadat Baljakin een goede voortzetting had gemist werd zijn partij op een puntendeling afgesloten (na 40,5 zetten en in een 7 om 7); waarschijnlijk had Baljakin voldoende vertrouwen in het eindspel van zijn clubgenoot!

Boomstra damde echter 'de klinkers uit de straat' en versloeg in een 'dun standje' Linssen en daardoor ging de (niet aanwezige) krans naar de Drent.Toch geeft het uw penneleur een wat onbevredigend gevoel, winnen door 'plusjes', niets ten nadele van de winnaar, maar wat zou het prachtig zijn geweest om, net als 50 jaar geleden (!?!), een barrage te spelen tussen deze twee grootmeesters.

Kortom het verdict van Emmeloord luidt: 1. Roel Boomstra voor 2. Alexander Baljakin, beide scoorden 15 punten uit 11 partijen. Op de derde plaats (ook al vanwege die vermaledijde 'plusjes') eindigde Auke Scholma met 12 uit 11. Door dit resultaat plaatst Baljakin zich voor het komende wereldkampioenschap; iets dat hij reeds had bereikt voor de laatste ronde. Misschien zal Alexander zich nog weleens 'achter de oren krabben', want had hij niet . . .

Onderstaand filmpje is gemaakt door Hans Jonker.






woensdag 15 april 2015

Flugskowe

Door Rein van der Pal

Organisator, wedstrijdleider en deelnemer
Op zaterdag 4 april werd de derde editie van “it Houtsje flugskowe damjenynternasjionaal” gehouden. Plaats van handeling was sportcafé ’t Houtsje in het centrum van Heerenveen. De initiator van dit toernooi, Tjalling van den Bosch had meerdere petten op; hij was wedstrijdleider, speler, verrichtte de opening en de sluiting.
Het deelnemersveld dat achter de borden verscheen mocht er zijn. Borden zeg ik, maar het waren geen gewone borden waarop werd gespeeld. De strijd op de honderd velden werd uitgevochten op oude damborden die zijn aangetroffen tijdens opgravingen. Ongetwijfeld heeft dit te maken met de hang naar het verleden van de toernooidirecteur die door alle ‘vernieuwingen’ die de laatste tijd zijn doorgevoerd, de damsport langzaam ziet af brokkelen.

IJsbrand Haven was verguld met zijn uitnodiging. De voorzitter van de Stichting Aan Zet combineerde het nuttige met het aangename en kon zo mooi een beetje reclame maken voor het NK dammen in Emmeloord dat momenteel in volle gang is.
Haven werd in 1969 verrassend jeugdkampioen van Nederland. Volgens goed gebruik in die tijd stroomde de jeugdkampioen van Nederland automatisch door naar het seniorenkampioenschap. Juist in 1969 werd die regel door toedoen van Piet Roozenburg geschrapt. Wel werden zowel de junioren- als de seniorenkampioen (Ton Sijbrands) uitgenodigd voor het televisie programma ‘Voor de vuist weg’ van Willem Duys om een demonstratiepartij te spelen. IJsbrand heeft nooit bijzondere studie gemaakt van het spel. Hij beschikt over een gezonde doses talent, kan bijzonder sterk voor de dag komen en is in staat schade (Oudshoorn) aan te richten.

De bekende journalist Albert van Keimpema arriveerde iets later in de speelzaal dan de organisatie graag had gezien. Hierdoor miste hij bijna de door topproblemist Tjipke Smedinga gedemonstreerde compositie, maar zijn deelname kwam niet in gevaar.
Damclub Huizum was vertegenwoordigt door Anne Piet Kooistra, Reinout Sloot, Rein van der Pal en Gerrit Reitsma. Laatstgenoemde had voor alle deelnemers een doos eieren meegebracht. Het was tenslotte Pasen. Wim Martin, geboren in Engeland, zorgde voor het internationale tintje. Zijn bijzondere optreden werd beloond met een hele kip.

Bijzonder was ook de aanwezigheid van drievoudig kampioen Fries dammen Marten Walinga. Nog maar nauwelijks bekomen van alle beslommeringen die de organisatie van het prachtige toernooi in Franeker met zich meebracht, zat hij een week later in Heerenveen alweer achter het bord. De meegebrachte boeken over het ‘Frysk Spul’ werden goed bekeken. Walinga zou het van harte toejuichen wanneer meer dammers naast het internationale spel het Fries dammen zouden beoefenen.

De enige dame in het gezelschap was Ester van Muijen van Damclub Wageningen, die vorige maand nog deelnam aan het NK dames in Zoutelande. Ook zij kon niet voorkomen dat Rik Keurentjes er met de eerste prijs vandoor ging. Deze oud deelnemer aan het jeugdwereldkampioenschap speelde een degelijk toernooi en had van alle deelnemers de sterkste focus.
De prijs voor de mooiste combinatie ging naar Albert van Keimpema. In stemmig zwart met bijpassende schoenen en oog voor detail was hij veruit het best gekleed, aldus de beoordelingscommissie bestaande Loes Martin.


Tussen de bedrijven door was er genoeg tijd om oude herinneringen op te halen en de laatste nieuwtjes uit de damwereld uit te wisselen. Ontspannen dammen in een gemoedelijke sfeer met een biertje erbij. Meer is niet nodig voor een geslaagd toernooi. Misschien hoort u volgend jaar ook tot de gelukkigen bij wie een brief – de uitnodigingen worden via de posterijen der TNT verstuurd-  op de mat valt. Trouwe lezers van de Huizumer Highlights maken de meer kans.

De auteur van dit eindspelletje is Swami Nikhilinanda. 
Onder het motto de mooiste zet is meestal de beste speelt wit 1.50-44!! 
En nu drie variantjes:
1..39x48 2.44-40 48x30 3.40-35 30-48 5.45-34 W+
2..39x30 2.43-39 30x48 3.29-24 19x30 4.44-39 W+
3..39x50 2.29-23 19x28 3.43-39 50x33 4.34-30 W+