vrijdag 17 mei 2013

Wie de jeugd heeft, heeft.....

Door Tjalling van den Bosch

Vanwege de jeugd kun je zeggen dat het 'Nederlandse dammen' er goed voor staat. Jongelingen als Roel Boomstra en Pim Meurs lopen voorop/staan in de picture maar er volgt nog een heel bataljon adolescenten die in de nabije toekomst weleens een vooraanstaande rol kunnen gaan spelen op de 100 ruiten. Natuurlijk gaan hun wegen niet altijd over rozen, maar dat de jeugd in zijn totaliteit
goed bezig is moge duidelijk zijn.

Terugdenkend aan mijn eigen jeugd zie ik de toenmalige aanstormende talentenvoor me, met toen unieke hoog(dam)begaafden (naar later bleek) als Ton Sijbrands en Harm Wiersma in het voorste gelid. Soms liet men eens een puntje liggen tegen mindere goden (en dat werd dan breed uitgemeten in clubbladen e.d.), maar over het algemeen gingen de meeste tegenstanders op het hakblok.
Ik heb enkele voorbeelden voor u opgedoken, die misschien nooit zo voor het voetlicht zijn gehaald, maar die de slagvaardigheid van beide voorlopers van hun generatie goed in beeld brengen:


Wit    : Harm Wiersma
Zwart: Nico Kocken 


Uit de Ereklasse (1969). Kocken heeft tot dusver niet onverdien-stelijk gespeeld, eigenlijk zit er best wel een goede structuur in zijn stand. Wit kwam nu met 30-24 en dus (19x30) en 35x24 en zwart ging er eens goed voor zitten. Hij kwam met het volgende snode plan: "Ik speel (14-19) en als hij (Wiersma) dan vervolgt  met het laten slaan dan verdwijnen er (weer)een viertal schijven van het bord en blijf ik goed  staan, en als hij 24-20 (15x24) 29x20 speelt dan kom ik met (17-21) en sluit ik vervolgens zijn lange vleugel op,

even controleren . . . .  ja daar is geen speld tussen te krijgen", dus  14-19 en ja, toen, anno 1969, sloeg de Leeuwarder puber toe met: 45-40 (19x30) 34x25 (23x45) 25-20 (15x24) 44-40 (45x34) 39x8  (02x13) 33-28 (22x33) 31x2  daar was dus wel een speld tussen te krijgen, 2-0.

Nu trof Kocken het niet want een tweetal jaartjes later kreeg hij het andere aanstormende talent voor zijn kiezen in de Ereklasse, alhoewel aanstormend (?!), Ton Sijbrands (want daar gaat het hier om) stond aan de vooravond van één van zijn grootste successen (W.K. Hengelo). In ieder geval, we komen er in nadat Kocken het middenspel redelijk was doorgekomen, mede doordat hij een grote vervlakking had weten uit te voeren.

Wit:    Ton Sijbrands
Zwart: Nico Kocken


Voor een éénvoudige sterveling, zoals uw penneleur, is het allemaal nog niet zo duidelijk, oké 11 (of 12)-17 lijkt geen goed plan, van-wege 32-28, maar met 19-23 lijkt toch niet zoveel mis,nou daar dacht de 'Grand Maitre' heel anders over, dus: 19-23 31-26  22x31
36x27  11-17 (wat anders ?) 33-28 13-19 (oké !?) 42-38    ja, en dan begint ook bij schrijver dezes iets te dagen, het offer 16-21 en vervolgens 18-22 is nog speelbaar, alhoewel het (ook volgens de computer) uitstel van executie zou zijn  geweest, maar na het door zwart gespeelde 23-29  was het snel uit door 28-23 19x37 38-32    37x28 20-14  9x20 15x13.

 
Zo deden de talenten 'van toen' het toen, en we weten maar al te goed waar het toe leidde, een over-volle palmares voor beiden . . .Ik moet er nu een eind aan breiden want anders dan gaat onze onvolprezen blogmanager weer sputteren ("die stukjes van jouw zijn veel te lang"), nou vooruit, nog even dan:

Ereklasse 1972

Wit:     Richard Koot
Zwart: Ton Sijbrands

Beste Richard kwam met 34-29 en toen ging de de kersverse wereldkampioen los:19-23 30x8  2x13 28x8  18-23
29x18  22x2 31x22  17x37 en Richard gaf zich vol be(ver)wondering over, 0-2.

 






Uit datzelfde jaar:

Wit:    Wim Terlouw 
Zwart: Harm Wiersma

 
Wit staat (al meer dan) bedenkelijk, maar hoe voer je zo'n stand daadwerkelijk tot winst 28-33!! 38x29   22-28    zo dus . . . en ook hier 0-2

Nu, anno 2013, zou ik, voor de huidige generatie talenten, een uitspraak (in een geheel ander kader, maar dit terzijde) van de gebroeders Anker willen aanhalen :
"Laat  ons  juichen . . . " 

Het liefst al in Ufa !

donderdag 9 mei 2013

What's in a name....

Door Tjalling van den Bosch

In een eerder artikel (Philidor, februari 2013) heb ik al eens aangegeven dat er een schaakclub bestaat met de naam 'Paard van Ree', en dat ik daar maar eens een apart artikel aan moest wijden.
Velen hebben mij de afgelopen maanden gevraagd naar het hoe en waarom van die opmerkelijke clubnaam. Wel laat ik het maar uit de doeken doen door middel van dit epistel, anders blijf ik het verhaal maar vertellen/herhalen.

 In de zomer van 1989 kreeg schaakgrootmeester Hans Ree de nodige hoon over zich heen gestort, wat was namelijk het geval. De (toen) 13-jarige Judit Polgar en de 44-jarige Hans Ree speelden (op 31 juli 1989 om precies te zijn) in de eerste ronde van het OHRA-schaaktoernooi tegen elkaar. Ree werd het eerste slachtoffer (in dit toernooi) van de jonge Hongaarse spring-in-het-veld, die, uitgedost met een enorme witte strik in haar lange kastanje-bruine haar, verveeld om zich heen keek wanneer haar tegenstander lang nadacht.
Ree verloor dus de partij, wat heet, de Amsterdamse grootmeester werd in een felle aanvalspartij inclusief stukoffer, in luttele (24) zetten van het bord geveegd. De gevolgen lieten zich raden.
Vrienden vroegen wenkbrauwen fronsend of hij zijn kleine tegenstandster niet had onderschat, vage bekenden barstten op straat in lachen uit als ze hem zagen, een onbekende man stak hem in de tram met een triomfantelijke grijns een foto van Judit Polgar toe en in de post zaten kaarten met teksten als 'meisjes van dertien,  droom er maar van Ree'.

Maar ach, de hoon verwaterde er volgden meer slachtoffers van de dadendrang van de jonge Hongaarse en 'tijd heelt alle (vele) wonden' nietwaar . . .In dat geval misschien wel, maar Ree werd ook slachtoffer van een geheel andere misgreep die hem tot heden ten dage nog steeds wordt nagedragen . . .In een partij tegen David Bronstein (1924-2006) had Ree ooit (tot tweemaal toe !)
de 'baggerzet' paard c2 - a1 gespeeld.

Het woord is aan Hans Ree in zijn boek 'Mijn Schaken': "de partij stond me niet  meer zo goed bij - dat heb je met verliespartijen - en ik kon het nauwelijks geloven toen ik de diagram weer zag. Had ik die afschuwelijke paardzet naar de hoek werkelijk voor de tweede keer gespeeld ? Ik had het al eens eerder gedaan, in Wijk aan Zee 1970, tegen de Fin Heikki Westerinen, en mijn paard had daar zo zielig en hulpeloos tot het eind van de partij gestaan dat er vervolgens een schaakclub is opgericht met de naam 'Het Paard van Ree'. . .De club bestaat, tot mijn eeuwige schande, nog steeds."

 Inderdaad in 'hèt schaakdorp bij uitstek' Wijk aan Zee is op 20 mei 1986 het 'Schaakgenootschap Paard van Ree' opgericht door een stel schaak-fanatici die zich vooral bezighouden met schaken EN gezelligheid. Zoals ze op hun site aangeven is er op dinsdagavond voor iedereen, en vrijblijvend, de mogelijk om te schaken, tijdens de onderlinge, dus lid of geen lid, een ieder is van harte welkom.
Men adverteert dan ook trots:  Schaakgenootschap Paard van Ree: ongebonden - gedreven - gastvrij

Kunnen we het bovenstaande doorkoppelen naar onze eigen (dam-)wereld . . . ? In 2008 verloor Anne Piet Kooistra van de jonge Heike Verheul, ik denk dat de Groningse op dat moment één á twee jaartjes ouder was dan Judit Polgar in 1989, maar daar gaat het nu niet om.

Wit:     Anne Piet Kooistra
Zwart: Heike Verheul

In de bovenstaande diagram (na 23 zetten) vond Kooistra de binding 27 met 29 niet zo 'lekker' dus nam hij volgende 2 om 2 afruil: 27-22  18x27 29-23    19x28 33x31    en ja toen volgde ?
21-27 ! Anne Piet sloeg toen maar 32x21 en stond na 16x36 een volle schijf achter.
Ziet u welke dam op het bord verschijnt als wit niet 32x21 slaat maar 31x22 ?
Overigens knokte onze Huizumer accountant (uit Franeker) nog bewonderingswaardig door, maar de Groningse spring-in-het-veld, die deze dag niet was uitgedost met een enorme witte strik in haar half-lange kastanje-bruine haar, gaf hem geen kans meer . . . .

Tijd voor een nieuwe damclub:  
Damgenootschap de twee om twee van A.P.K.
Of zijn wij dammers niet zo sarcastisch ?!?

 

 

 


 

donderdag 2 mei 2013

Sneker finest...


Door Tjalling van den Bosch
 
Het zal nu al weer ruim een half decenium geleden zijn dat er zich bij DamClub Huizum drie nieuwe leden, uit Sneek, aandienden. Ze wilden gedrie-en in het tweede team (landelijk) spelen om zo, naast provinciaal met de Sneker Dam Club, ook op zaterdag een potje mee te kunnen blazen.

Eén van hen was Jacob de Vries, de andere twee mogen natuurlijk ook genoemd worden: Marcel de Vries (geen familie trouwens) en Kerst Hoekstra. In zijn eerste Huizum-jaar moest Jacob éénmaal invallen in het eerste tiental, in de wedstrijd tegen Hoogeveen mocht hij Bé Eggens tegenhouden, voorwaar geen éénvoudige klus, maar hij slaagde met vlag en wimpel.
Reeds op 10-jarige leeftijd werd Jacob aangetrokken tot het spel der 100 ruiten, hij werd jeugdlid van S.D.C., maar hield het na 3 jaar voor gezien. Na zijn studietijd, in Groningen, keerde hij (in 2006) terug in Sneek waar hij Marcel  leerde kennen, die lid was van (die andere Sneker damclub) De Kroonschijf. Na drie jaar lid te zijn geweest van die laatste vereniging maakte Jacob, samen met Marcel, de overstap naar S.D.C.

In zijn debuutjaar bij deze club werd Jacob gelijk maar even clubkampioen, iets wat hij sindsdien is blijven doen ("and stil counting" voegt hij er zelf, in al zijn bescheidenheid, zelfverzekerd aan toe. . ."wat zeg je Marcel ?". . .). Ook maakten beiden dat seizoen, alsmede ook Kerst Hoekstra, de stap naar DamClub Huizum. Sindsdien is Jacob een vaste waarde in de (landelijke) teams van onze club, eerst dus in het tweede, maar alras werd hij vaste speler in Huizum 1. Zijn bezoek aan 'de onderlinge' is onregelmatig, vanwege het feit dat hij op donderdag avond is aangewezen op het openbaar vervoer en vanwege werkzaamheden komt het niet altijd goed uit, maar in het seizoen 2007-2008 wist hij wel de 'Huizumer Beker' voor zich op te eisen.
Natuurlijk blijft Jacob ook S.D.C. trouw, op 2 april van het afgelopen jaar (2012) trok hij zodoende met het Sneker 6-tal naar Wolvega om daar, in de strijd om het  clubkampioenschap van de P.F.D.B. in de 1ste klas, het op te nemen tegen het plaatselijke T.O.G. Jacob trof op het derde bord (ja, ook in deze klas zijn taktische opstellingen gemeengoed), de man die een 100% score heeft tegen de laatste Friese vertegenwoordiger in het (algemeen) Nederlands Kampioenschap: Aan Bergsma. Bergsma had een paar maanden eerder Gerlof Kolk verrast met een taktisch offer, maar deze keer moest hij het afleggen tegen 'Sneker finest'. Op fraaie wijze heeft Jacob een bekende (volgens overlevering heeft de uit Marseille afkomstige Fransman Raphaël al eens een vergelijkbare combinatie uitgehaald in het jaar 1904 !) combinatie in de stand gevlochten:

Wit: A. Bergsma
Zw.: J. de Vries
 
Na wits 39ste zet (31-27) haalde ons onderwerp verschrikkelijk uit:   (17-22) 28x17 (23-28) 32x12 (14-20) 25x23 (2-7 )30x8 (7x29) 33x24 en (3x41) !
 
 
 
 
 
 
 
 
 Afgelopen zomer heeft Jacob voor het eerst meegedaan aan het toernooi 'Nijmegen Open'. Dat werd qua resultaten geen onverdeeld succes, maar toch heeft hij genoten van dit  uitstapje. Het onder-staande fragment komt uit dit toernooi en wel uit zijn partij met Brion Koullen.

Wit: J. de Vries
Zw.: B. Koullen
 
 Stand na wits 30ste zet 42-37, Jacob heeft zich de rol van omsingelaar laten aanmeten. We laten hem zelf aan het woord: "Het is bijzonder wat er allemaal dreigt. 30. (7-12) valt in elk geval af vanwege de Coup Royal met 30-24 (x) 40-34 (x) 48-43 (x) en 43-39 met winst voor wit. Tijdens de partij had ik gezien dat zwart 30. (11-17) als lokzet kan spelen omdat 30-24 (19x39) 40-34 (39x30) 48-43 (23x34) 43-39 (43x32) 37x28 faalt voor wit omdat na (26x37) 41x1 (22x33) wit in de vang slaat met 1x9. Toen bedacht ik, dan speel ik op 30. (11-17) toch doodleuk 30-24 (19x39) 40-35 (23x34) 38-33(39x28) en 37-32. Maar ook dat werkt niet vanwege (26x37) en de belachelijke meerslag 32x32 !
Er dreigt echter al een (remise-) combinatie die niet goed te pareren is voor zwart . . . Dat had ik niet gezien. 30 . . . 16-21 Nu kan wit het volgende uithalen ! 38-32 (27x38) 37-32 (26x28) 30-24 (19x39) 40-34 (39x30) 48-43 (23x34) 43x1 en nu de clou, zwart mag niet weglopen met 34-39 vanwege de tussenloop met de witte dam naar 18 of 34 . . .".
Tot zover het relaas van Jacob zelf . .Na al dat rekenwerk was Jacob flink in tijdnood gekomen, nu is hij wel bekend met dit metier, maar deze keer procudeerde hij vervolgens paar twijfelachtige zetten en moest hij de punten laten aan de Limburger . . .Ondanks deze nederlaag kunnen we stellen dat Jacob de Vries,  het beste is dat Sneek op damgebied te bieden heeft . . . tring...tring..."hallo, . . . ja Marcel, dat weet ik ook wel". . . tut tut tut . . .
 
 

donderdag 25 april 2013

Winnen zonder ....

Door Tjalling van den Bosch

Kun je, in het dammen, winnen zonder dat je tegenstander een fout maakt? Sommige partijspelers zullen dit gillend ontkennen, maar de problemisten en eindspelcomponisten onder ons zullen dit beamen! Dus een partijspeler wint dankzij fouten van de tegenstander, maar een problemist/eindspel-componist moet zijn eigen tekortkomingen zien te overwinnen.

In een eerder epistel heb ik al eens aangegeven dat het oplossen van sommige gecomponeerde standen voor mij een crime is.  Als de stelling niet (enigzins) aan een partij-stand doet denken dan ben ik 'eraf', gewoon niet creatief genoeg.

U ziet hieronder een vraagstuk van Max Douwes, waarvan ik echt moet zeggen: het  valt u niet kwalijk te nemen als u het niet kunt oplossen . . . De auteur droeg het  probleem op aan zijn confrater in de problematiek Th. van Prooyen en zei er zelf van:  "Als hij (van Prooyen dus) de oplossing wel ontdekt, moet hij zich ten spoedigste  onder behandeling laten stellen van een ervaren staf psychiatrisch geschoolde medici en verplegend personeel. Want een zindelijk mens begint éénvoudig niet aan een dergelijk melodrama".


Kostelijk  is de toelichting (gericht aan van Prooyen), die Douweszelf geeft op het één en ander:

 "Aan de commentaren, die je bij mijn problemen pleegt te spinnen, heb ik gemerkt,
dat je in radeloze momenten van knagende twijfel de mogelijkheden onder ogen ziet,  dat mijn beginstanden niet regelrecht aan de partij zijn ontleend. Nee, nee, ontken  het niet: ik voel de ragfijne toespeling ! Maar dan moet het me van het hart, dat ik je capaciteiten in het partijspel blijkbaar te hoog heb aangeslagen: want anders zou je het praktische uitgangspunt van al mijn creaties toch onmiddelijk herkennen ! Neem nu bijvoorbeeld de bovenstaande stand: Wit heeft de partij kennelijk opgezet met de bedoeling van meet af aan een sterk centrum te formeren. En dat is hem dan ook wonderwel gelukt: Eerst reeds in de opening een doorstoot naar 23, en in het vroege middenspel zelfs naar 18 ! Helaas ging deze strategie ten koste van wits korte vleugel, die zwakke plekken begon te vertonen, en daarna door zwart volledig werd uitgedund. Zo sterk zelfs, dat zwart tot vijf maal toe kon doorlopen naar dam , en  zelfs met schijf 40 al weer een flink eind gevorderd is naar de damlijn.
Eén en ander ging (zoals een goed rekenaar kan natellen) ten koste van enkele offers, want hij komt uit de school van Piet Roozenburg en heeft veel Russische partijen bestudeerd. Inmiddels, ik ben bij de 29ste zet, maar de notatiebiljetten zijn hier en daar slordig bijgehouden, had wit ook terluiks een dammetje gehaald aan de kant van zwarts korte vleugel, en dit pronkstuk gebruikt om een dam (47) en een schijf (41)op te sluiten. Zoals je ziet: Alles is nog volkomen verklaarbaar. Nu dus nog zwarts en wits laatste zet. Wit heeft zeer juist, en met fenomenaal strategisch en tactisch inzicht 15-10 gespeeld. Wat moest zwart doen ? Hij zat in tijdnood, en meende de bedreigdeschijf (14) in veiligheid te brengen met (14-20); ogenschijnlijk een juiste positiezet, om de aanval op wits korte vleugel te versterken. Maar nu wint wit ! Ja ja: Nu wint wit !".

Max (officieel Marcus Taco) Douwes was zeker een creatief mens, die het ver schopte in het wereldje van radiomakers en (later) televisieregisseurs.

De oplossing is (houd u vast):32-27, 42-37, 37-31, 46-41, 29-24, 36x1, 1x5, 5x6, 6x15, 15x16, 16x35, 9-13, 35x8, 48-43 (en winst door oppositie !) .

Het volgende probleem kwam ik uiteindelijk wel uit (je weet immers dat er winst 'in zit' !), maar ik waarschuw u op voorhand de uiteindelijke winst is uitermate verrassend . . .



Dit probleem, gemaakt door een zekere van der Voort, heeft dus weldegelijk een 'partij-structuur',
alhoewel een partijspeler meteen zal opmerken dat wit zich wel heel zwak heeft opgesteld ten opzichte van de zwarte aanval. Wits laatste zet was, stel ik mij zo voor, 39-33 en zwart ziet nu schijfwinst opdoemen en speelde (23-28) !

De oplossing zou ik willen omschrijven als 'Galkinees' ! ! 36-31 . . . (ja, echt) . . . Voor diegenen die het nu nog niet 'zien' geef ik nog een paar extra hints (28x39) 37-32 (27x36) 42-37 UIT ! (natuurlijk verandert er niets als zwart eerst 27x36 slaat ook dan gaat 'bij wijze van spreken' schijf 42 naar 32) . . Ondanks twee schijven achterstand wint wit !!!


Mooi he, echter voor mij blijft het oplossen van veel gecomponeerde standen een helse klus, maar ach, de aarde is maar een stofje in het heelal, dus hoe klein zijn onze grote problemen dan eigenlijk ?

woensdag 17 april 2013

Even terug in de tijd....



Door Rein van der Pal

In vroeger dagen was een café bij uitstek de plaats om mensen te ontmoeten en elkaar te bekampen met dammen, schaken, dobbelen of kaarten. Heden ten dage doet men dit veel meer vanachter een computer-scherm, of op wat voor afstandelijke manier dan ook. Maar dammen in de kroeg met een biertje naast het bord en een sigaret in de mond, het bestaat nog!

Schaatscafé/museum ’t Houtsje in Heerenveen opende op 6 april de poorten voor een sneldamtoernooi met een internationale bezetting. De Organisatie had een aantal spelers uitgenodigd. Het deelnemersveld werd aangevuld met plaatselijke en regionale cracks. Gespeeld werd volgens het bekende Uber-Schweiz-systeem, beter bekend als het w.i.n.-systeem. De Organisatie hechtte eraan te spelen op de oude houten ‘Koopmansklokken’ , waarbij de spelers 10 minuten bedenktijd kregen toegemeten.

Opening
Toernooidirecteur Tjalling van den Bosch, voor de gelegenheid gestoken in een onberispelijke outfit, wees in zijn openingstoespraak op de propagandistische waarde die van dergelijke evenementen uitgaat. Belangrijk is dat niet dammers de spelers in actie kunnen zien en niet schromen na afloop zelf een partijtje te spelen, zo liet hij weten. De toespraak ademde een zeker verlangen naar vroeger tijd.
De vaste jongens aan de tap, maar ook toevallige passanten en gezinnen met kinderen keken hun ogen uit, zoals bij het volgende fragment.


Wit: E. Heslinga
Zw.: N. Hoekman

De kersverse sneldamkampioen van Damclub Huizum verraste de dameskampioen van Nederland met een Coup Raphaël na 1...22-27? 2.31x22 18x27 3.23-18!! 12x32 4.34-30 25x23 5.41-37 20x38 6.37x10 15x04 7.43x03.


Bijprogramma
Voor het bijprogramma had De Organisatie Henk Hoekman uit Zutphen ingeschakeld. Hoekman staat bekend als een goede dammer en hij heeft een groot aantal composities op z’n naam heeft staan. Onder het goedkeurend oog van de toernooileiding vergaapten de omstanders zich aan zijn problematische slagwendingen.

Henk Hoekman laat wit winnen door:

1.42-38 25x34 2.43-39 34x43 3.27-21 16x36 ad. lib. 3.49-44 de meest verrassende zet van het probleem 18x27 4.38x49 27x38 5.49-43 38x40 6.45x01 en wit wint het afspel bijvoorbeeld: ...06-11 7.01-29 11-17 8.29-42! 17-21 9.37-31 36x27 10.42-26.



Sluiting
In zijn slottoespraak haalde toernooidirecteur van den Bosch de bekende filosoof  Paracelsus nog even aan om duidelijk te maken dat het mogelijk is in korte tijd een internationaal toernooi uit de grond te stampen. "Von Wammen Es kumt das weis Ich nit; Wohin Es kumt das weis Ich nit. Es ist da".
Hij overhandigde een dolgelukkige Peter Pippel uit Gouderak een enveloppe met 150 euro. Wim Martin (geboren in Engeland) kreeg een fles Sonnema Beerenburg. Ninan Hoekman (geboren in Kiev) en Erwin Heslinga (geboren in Leeuwarden) konden een fles witte kwaliteitswijn in ontvangst nemen.

De uitbater van ’t Houtsje Tom Mulder werd nog even in het zonnetje gezet. Hij had zijn horecagelegenheid geheel belangeloos ter beschikking gesteld. Zonder zo’n sympathieke geste is een dergelijk toernooi ook bijna niet meer te financieren.

De Organisatie liet weten op korte termijn opnieuw een toernooi te willen organiseren. De bekende journalist Albert van Keimpema sprak de wens uit dan tot de deelnemers te behoren.









donderdag 11 april 2013

Onze onderlinge

 Door Tjalling van den Bosch

De 'onderlinge' is mijns inziens het fundament van elke club en zeker die van DamClub Huizum.
Leden van onze vereniging kunnen (elke donderagavond, 9 maanden lang) door middel van onderlinge confrontaties clubkampioen worden. Hiernaast bestaat binnen onze club ook nog de mogelijkheid om de beker te winnen, dit is een competitie waarbij men werkt via een afvalsysteem, en verder is er ook nog het interne sneldamkampioenschap van DamClub Huizum.

Dit epistel gaat over de 'onderlinge' van dit seizoen (2012/2013). In eerste instantie was de stand 'aan kop' nogal onoverzichtelijk, mede door twee nederlagen in de openingsrondes van de grote favoriet Rein van der Pal en het late instromen van veelvuldig kampioen Anton Schotanus. Nadat de laatste uiteindelijk losbarstte nam hij gelijk de leiding, tot de 27ste ronde,  toen trof hij de op ramkoers liggende van der Pal. In het interne rondeverslag stond te lezen dat van der Pal 'vanaf den eersten stoot' aan de leiding ging, maar dat Schotanus zich langzaam maar zeker terug in de partij  had geknokt. Het treffen werd beslist in de onderstaande diagram:

Wit: R.van der Pal
Zw.: A.  Schotanus



Wit stond (zat) hier voor een belangrijke keuze, ofwel het strategisch verantwoorde  42-37 of het agressieve 1.28-23, hij koos voor het laatste en dit bleek een goede ingeving,
want zwarts antwoord was namelijk: 18x29 2.34x23 13-18? en toen volgde 3.36-31!! 26x48 4.16-11 48x45 5.11x04 45x18 6.04x31 met winst

Iemand anders die, vanaf het begin, zich in de top drie nestelde was voormalig clubkampioen Piet Bouma, u kent hem misschien wel als het brein achter Toernooibase. Eveneens uit de 27ste ronde van de 'onderlinge' komt de onderstaande diagram.

Wit: J. Terpstra
 Zw.: P. Bouma


Wit had zich, tijdens deze partij en na vele omzwervingen, redelijk staande kunnen houden,
maar hij lijkt nu toch, strategisch, zijn ongelijk te moeten bekennen.
"Nou eerst nog maar even een ruiltje" zal de naarstig naar remise zoekende witspeler hebben
gedacht, maar daarmee lijkt hij zwart alleen maar in de kaart te spelen.

41. 38-33 (28x39) 42. 34x43 (22-28) 43. 30-25 (28-33) 44.37-32 !?"Och heden, weer zo'n typische 'Terpstra-zet' " moet Bouma hebben gedacht, dus
44. .-. (33-38) Ja Bouma, maar dit is ook typisch Jan T. Terpstra: 5. 16-11 !
Hoe dit verder afliep (?) verwijs ik u gaarne naar Toernooibase, want deze partij is daar niet
alleen in opgeslagen, nee diverse partijen van onze 'onderlinge' (waaronder deze) worden  zelfs 'live', via Toernooibase, de wereld in geslingerd . . . In ieder geval, het draaide uit op een puntendeling (de witspeler was hier niet ontrots op) en dus liep Bouma een klein deukje op, want hij zakte van twee naar drie (in de tussenstand).

 Hans van Dijk draaide lange tijd mee bovenin, maar hij kon vanwege drukke werkzaamheden
niet wekelijks de 'onderlinge' bezoeken. De volgende diagram komt uit de partij Sloot - van Dijk (21ste ronde), waarin wit was overlopen  en als laatste strohalm naar een doorbraak greep, die er eigenlijk nooit kwam.

Wit: R. Sloot
Zw.: H. van Dijk


Zwart is aan zet en speelde hier, op de 52ste zet, natuurlijk (19-24) 29x20 (15x24), waarna de stand verloren lijkt voor wit, Sloot probeerde het toch nog even.
49-43 (13-19) 43-38 (18-23) 38-32 (27x38) 28-22 (24-29)

Eigenlijk is wit dus doorgebroken, maar om nu nogmaals een schijf te geven wordt hem wat te gek,
dus: 34-30 (29-33) 22-17 (26-31) En hier staakte wit de strijd . . .

De zwartspeler liet zich het gerstennat in de altijd gezellige nazit waarschijnlijk goed smaken !
Dit waren zomaar wat impressies van de Huizumer 'onderlinge', waar schrijver dezes elke  donderdag weer van geniet, niet in de laatste plaats vanwege de 'derde helft' . . .









woensdag 3 april 2013

Damzomer...

Door Tjalling van Bosch


Beste dammers (m/v), de nationale clubcompetitie zit er dan eindelijk op. Huissen heeft de titel opgeraapt, vooral omdat diverse concurrenten het tijdens de reguliere competitie, zo nu en dan, lelijk lieten afweten.
 
Dan gaan we nu de damzomer van 2013 in, voor mij betekent dit, in mei (19-27), een eerste uitstapje naar het Iberisch schiereiland, oftewel het  toernooi in (Cap) Salou (oh zon, oh zon, oh heerlijke zon . . .). Voor informatie omtrent dit toernooi verwijs ik u naar het artikel over ditdamspektakel (op deze blog) van mei 2012. Wat betreft het toernooi van dit jaar wil ik u erop wijzen dat er nog plaats is (zei het beperkt), want onder andere de vrijwel voltallige Chinese delegatie heeft afgezegd ! Voor meer wetenswaardigheden hierover verwijs ik u gaarne naar de site van Salou (gewoon even 'Salou open' googlen dan moet het wel lukken).
Vorig jaar werd het toernooi gewonnen door Roel Boomstra voor Georgiev en Valneris, helaas zijn deze mateadoren (olé) er dit jaar niet bij, want het W.K. in Ufa sluit (te) direct aan op dit toernooi. Verder zijn er deze zomer traditionele buitenlandse toernooien als, onder andere Thailand, Italië en Tsjechië, maar vanwege werkzaamheden moet ik deze helaas aan mij voorbij laten gaan, evenals de traditionele meerdaagsetoernooien in Nederland (Heerhugowaard, Nijmegen, Brunssum, Hoogeveen om maar eens enkelen te noemen).
In november (het is weer voorbij die mooie zomer . . .) maak ik een tweede uitstapje naar zuid/west-Europa en wel voor het inmiddels ook al traditionele 'Portugal Open' in Albufeira (voor informatie ga naar de site 'Portugal Open'). Dit toernooi (van 6- 12 november) heeft mij vorig jaar uitstekend gesmaakt dat ik het dit jaar weer ga proberen en trachten mijn golf-titel te verdedigen ! De organisator (Theo Dijkstra) biedt altijd veel excursies aan en aan één daarvan heb ik vorig jaar dus meegedaan, een heuse golf-clinic, het werd voor mij een ware zegetocht (alhoewel je dat niet van het dammen kon zeggen). Theo Dijkstra is ook altijd op zoek naar nieuwe uitstapjes, zo is hij thans onderandere in de slag met een twee uur durende rondvlucht boven de Algarve, en voor diegene die iets minder avontuurlijk is aangelegd is het (misschien) mogelijk een heuse Portugese kookcursus te volgen (stamppot, koekjes en wat al niet meer zei . . .)
Als afsluiting nog even een damstaaltje van de (nog) wereldkampioen. Vorig jaar was Georgiev de grote smaakmaker in Salou. Zijn overwinningen op Tsjegolev en Gantwarg (beiden voormalig wereldkampioen) zijn al door diverse analisten tegen het licht gehouden, daarom laat ik zijn zege op de Litouwer Virgilijus Zutautas even zien, althans de ontknoping:
Wit: Zutautas
Zw.: Georgiev
"Alles behalve weg laten drukken" moet de Litouwer hebben gedacht en dat is hem aardig gelukt, zelf zie ik ook niet veel direct dreigingen voor hem, eigenlijk vind ik als (niet-analiticus !) dat de stand van de onze wereldkampioen nou ook niet bepaald indrukwekkend is, Georgiev toont mijn ongelijk na het door wit gespeelde: 30. 31-26   
Het is ongelooflijk maar in drie zetten is het afgelopen ! O sancta simplicitas . . .
11-17 31. 22x11 6x17 dreigt simpel (18-22) dus, 32. 39-33 18-23 en wit geeft op (!?), want na het sluiten met 37-32 volgt dam via (23-29), (13-19) en (25-30). en dus geloofde Zutautas het wel en zocht het terras (en de zon) maar snel op.
Ik wil u vanaf deze plaats een prettige damzomer toewensen . . .